Foto UnitopiaWie zich inschrijft voor pakweg een cursus aquarelschilderen, weet wat te verwachten: papier, verf en een opdracht. Niet zo bij een yogacursus. Yoga is een cultuur, net als yoghurt. Het kan álle kanten uit (zie ook de
Dolfijnengeluiden in het Oude Badhuis).
Een blik op de leraar geeft meestal een richting aan, maar dan is het eigenlijk al te laat. De mijne had een Thaise vissersbroek aan. Zo'n model waarmee je vissen kan vangen (ik denk dat ze hun oriëntatie verliezen door de ingewikkelde batikpatronen). Hij praatte als een meisje maar was, aan zijn broeksvormen te zien, een man. Yoga is ying en yang tegelijk.
Halverwege de les – na het ontspannen, samen 'oooong' zingen, en een potje circular breathing in kleermakerszit - liet de yogavoorman een doosje met papieren zakdoekjes rondgaan. Ik begon onrustig te schuifelen.
'Neem er maar één want de snot zal hier in het rond vliegen, no importa.'
'Snot' klonk erg... werelds. Ik nam voor de zekerheid een tissue en schoof de doos zo vloeiend mogelijk door naar de vrouw met haarband – er waren alleen maar vrouwen - naast me. Er volgde een rare ademhalingsoefening met puffende neusstoten. De leraar sloot zijn ogen en zijn snot vloog inderdaad in het rond. Ik sloot mijn ogen en probeerde te reizen naar een plek waar dat soort dingen niet gebeurden.
Blijkbaar viel ik in slaap want ik werd wakker toen de vissersbroek voorstelde om elkaar vaarwel te knuffelen. Euh. Een zwetende vrouw, waar mijn armen niet rond pasten, knuffelde zich erg dicht tegen mij. Ze fluisterde 'namasté' in mijn oor. Ik wilde net 'no gracias' zeggen maar de yogavoorman wapperde me geruststellend toe met zijn broek. In yoga kan dat allemaal, jongen.
Dit cursiefje verscheen in juli 2011 in Lambik, een nieuw tijdschrift voor Belgen in Latijns-Amerika.