donderdag 9 april 2009

Hier en daar



Brusselse blogs volgen met je RSS-reader, skypen met de familie in Boechout, mailen met vrienden van ’t stad, chatten met een tante in Duitsland, om de drie dagen in het Vlaams bloggen en dagelijks vrienden onderhouden op Facebook.

En dat.
Allemaal.
Achter een scherm in Guatemala.

Hier en daar klopt iets niet.

dinsdag 7 april 2009

Lazarus en de leeuw

Een bezopen type staat tegen een standbeeld van een leeuw te lallen. Ik vraag me af wat die daarvan vindt.

maandag 6 april 2009

Eros en Thanatos

Aan de rand van het erf ligt een haan in een positie, een haan absoluut onwaardig. Uit zijn bek hangt een slijmdraad die tegen zijn bevederde borst plakt. Zijn enorme kam hangt plat naast zijn kop. Wat er nog van pluimen opstaat is met bloed beklit.

Een andere haan komt hem af en toe recht op zijn schedel pikken. Nog even en hij zit erdoor. Er kan er maar één de voorste zijn.

Er zijn loyale kippen die langskomen en vriendelijk doen alsof hij er nog even kranig als vroeger uitziet. De uitgetelde haan probeert zijn nek te rechten en wat bazig te kijken maar de vogel schaamt zich natuurlijk dood. Wat een afgang.

Plots komt er een witgevlekte duif aanvliegen, die zich voor de reutelende haan placeert. De doffer (mannetjesduif) vult borst en veren met air, koert een paar keer diep, opent zijn staartveren en begint rondjes te draaien. Hij brengt een balts ten berde waar geen enkele duivin aan zou kunnen weerstaan. Even denkt de haan aan het hanenhiernamaals. In een laatste helder moment daarna vindt hij het gewoon erg eigenaardig, geflipt zelfs, maar kraait er verder niet meer naar.

Gebeten door een hond

Ik ben dit weekend gebeten door een hond, een mug en een kip. De hond baart het meeste zorgen. Het hysterisch blaffend straatschoelje had mijn kuit beet na een laffe aanval in de rug. Dat was 56 uur geleden, ergens ver weg op een bergpad, aan de grens met Mexico.

Uit nieuwsgierigheid toch maar even opgezocht hoe dat juist zat met hondsdolheid. Soms is het beter niet te weten dan te weten.

Mijn Lonely Planet
In Guatemala the risk on rabies is greatest in the northern provinces along the Mexican border. Most cases are related to dog bites. Waarvan akte.

Gezondheid.be
Hondsdolheid of rabiës is voor de mens een 100% dodelijke hersenontsteking (...) Er bestaat geen behandeling (...) Binnen de 48 uur na infectie, dus voor het verschijnen van de eerste ziektetekens, moet een behandeling worden ingezet (...) Verdacht is het als een dier agressief en onrustig is. Quid erat.

De symptomen: lichte koorts, algehele malaise, hoofdpijn en verminderde eetlust, zere keel en misselijkheid, prikkelbaarheid, verhoogde spierspanning en overgevoeligheid voor fel licht en harde geluiden.

Dat is het geval, maar ik heb ook een kater van de fantastische tequilanacht onder de sterren gisteren. Met volstrekt gelijkaardige symptomen.

De belangrijkste diagnostische symptomen zijn echter abnormale gevoelens in het gebeten lichaamsdeel. Een gevoel van pijn, koude, jeuk of tintelen treedt bij 80% van de patiënten op.
Ook dat is het geval. Mijn kuit jeukt, al wil het toeval - o ironie - dat de mug waarover ik sprak me juist naast de beet gestoken heeft en het onderscheid niet meer te maken is.

Ziekenhuis San Marcos
- We hebben hier geen vaccin, je moet tot morgen wachten.
- Kan ik zonder gevaar gaan slapen, mevrouw? Er zijn al meer dan 48u gepasseerd sinds de beet en ik heb gelezen dat...

- ... Als die hond rabiës had, zou je het hier nu niet staan vertellen.


(postdata: dit bericht werd gisterenavond geschreven, zo ook een eerste aanzet van een afscheidsbrief. Ben met een heel, héél klein hartje gaan slapen en vreesde wakker te worden met schuim op de lippen, of helemaal niet meer. Ondertussen eerste vaccinatie gekregen en alles weer onder controle.)

woensdag 1 april 2009

Wat ik schrijf is echt gebeurd


Foto Mike Kline

Alles wat ik schrijf is echt gebeurd. Toch is de manier waarop het neergeschreven is, soms interessanter dan hoe het beleefd werd. Hou dus rekening met een overdrijvingsfactor van twintig procent. Omdat u natuurlijk niet weet waar die twintig project juist zit, en ik niet zou willen dat u de strafste, meest ware details als onwaar afdoet, help ik u een handje.

Dat idee is niet nieuw. Dave Eggers begint zijn meesterlijk debuut A Heartbreaking Work of Staggering Genius met te zeggen dat alles wat hij schrijft waar is. In een fantastisch nawoord gaat hij vervolgens met de grove pen door zijn autobiografisch werkstuk om te controleren of dat ook echt wel zo is. Wie beweert dat zijn verhalen waar zijn, moet het nauw nemen met de waarheid.

Als we al mijn dichterlijke vrijheden, literaire verdraaiingen en kleine of grote overdrijvingen tegen het licht houden, zal je zien dat ik nooit boven of onder de twintig procent ga. Neem de maand maart bijvoorbeeld.

29/3. De man met de cowboyhoed in de nachtclub zei niet letterlijk ‘Kom hier, geil wijf, dat ik u tetten vastpak en ja, dat ik u hard, verdomme...’ (eigenlijk zei hij niets) maar alles aan hem walmde in die richting.

26/3. Slechts één van de twee agenten stampte op de burger in Guatemala Stad. Maar er waren er wel twee, en de andere zag er minstens even vilein uit. De titel ‘Het nieuws ligt op straat’ liet misschien uitschijnen dat de gestampte op straat lag. Dat was niet het geval. Ik heb er dan ook even over nagedacht maar vond het toch de best denkbare titel.

21/3. Als ik in het wilde weg pols over de (ab)normaalheid van een koudegenererende urinenood, is dat niet altijd op café, zoals vermeld. Ik herinner me dat ik het ook op weg naar een café, op de Dageraadplaats eens heb gedaan. ‘Op café’ klonk gewoon lekker. Ik schaam me meestal niet om te zeggen dat het over mezelf gaat en verberg me dus niet achter ‘ik ken iemand die...’. Al zal ik dat vanaf nu wel zo doen, aangezien ik écht geïsoleerd ben in mijn problematiek.

19/3. De getande randen van toiletpapierhouders hangen niet altijd vol met kakarestjes en er is dus niet altijd stront aan uw knikker. Er zijn er ook propere, maar die bleven onvermeld in dit stuk om de toiletpapierhouder-houders onder druk te zetten.

14/3. Een koe drinkt water en geen pis, zoals gezegd. Pis rijmde echter dichterlijk en vrij op ‘dan hebt u het mis’. Koeien hebben wel de gewoonte weinig gène te hebben over de plaats waar ze wateren.

8/3. Ik kon met mijn hoofd, hoe gevoelig ook, niet echt voelen of mijn tandarts een BH droeg, dan wel stalen tepels had. Omdat mijn kruin er een klein schaafwondje aan over heeft gehouden, veronderstel ik dat logischerwijs.

31/3. Er is eigenlijk niet echt sprake van een klein schaafwondje, maar om je artikel niet als een kaars te laten uitdoven, helpt het om te werken met een uitsmijter. Bij deze.

zondag 29 maart 2009

You have a friend request


Euh.

Zijn er nog Facebookers met wie Sven graag vrienden wil worden of ben ik de enige?

Niet weten waar kijken


Foto Banksy

Het lijkt een parochiezaal, maar God is hier in geen jaren gepasseerd. Witte muren kijken op een leeg vierkant waar TL-lampen zich in de tegelvloer spiegelen. Blauwe kerstverlichting slingert wat in het rond. Het tocht.

Plastic caféstoelen staan in halve cirkels rond kwikkele tafels. De meeste zijn leeg, hier en daar zit een groepje mannen naar een podium te staren. Hier kom je niet om met elkaar te praten.

Links vooraan zitten 7 vrouwen weinigverhullend op een rij. Er is ook een lege stoel. Daarnaast een opstapje naar het podium met in het midden een blinkende paal. Er hangt een vrouw rond die doet alsof het haar opwindt. Als de slip uitgaat, gaat de stroboscoop aan.

De spiegelwand achter het podium maakt de zaal dubbel zo leeg. De aanwezigen vergaat het niet beter:

Vrouw 1 (Hondureña, gestrande immigrante): ‘Ik krijg 10 euro voor wie ik mee naar boven neem. Ik doe alles, behalve anaal.’

Collega 1 (Amerikaan, rookt als hij zat is): ‘I know I gonna wake up feeling really bad. Shit, what the hell are we doing here...’

Man 1 (narco met cowboyhoed, schurkt tegen Hondureña aan): ‘Kom hier, geil wijf, dat ik u tetten vastpak en ja, dat ik u hard, verdomme...’

Vrouw 2 (Salvadoreña, op weg naar de VS): ‘Het leven hier is hard, ja. Maar ik moet iets om rond te komen.’

Collega 2 (bestelt emmer met zeven pinten, klopt Sam lachend op de schouder): ‘No son buenas las chicas?!’

DJ (lalt door zijn micro): ‘Las tetas, olé olé!’

Sam (verlamd, ziet alleen zichzelf in de spiegel, kleiner dan ooit): ‘Ik wil hier weg.’

vrijdag 27 maart 2009

Nachtclub

Damn.
Ik ben naar een nachtclub geweest gisteren. Geef me een dag om dat te verwerken en ik beloof erover te bloggen.

donderdag 26 maart 2009

Het nieuws ligt op de straat

Ik begon al te panikeren dat ik vandaag niet zou weten waarover te schrijven - ik was dan wel in Guatemala Stad, maar er was nog niets noemenswaardig gebeurd - toen ik gelukkig twee agenten op een burger zag stampen. Oef.

maandag 23 maart 2009

Clichédiarree

Dat het hier heel anders is, een lappendeken ja, erg veel contrasten... En dat de indianen, prachtige mensen met hun zelfgewoven klederdracht, heel arm zijn maar toch heel vriendelijk, echt waar, en o ja, rijk aan cultuur natuurlijk, met al hun piramides enzo. Maar wel gevaarlijk hoor, met die bendes in de stad. En haha, er had iemand een kip meegenomen op de bus! Zonnige groetjes uit Guatemala.

(en dat vandaag de laatste, historische keer mag zijn dat iemand deze clichés de wereld in wierp)

Maandag Anagramdag V

Ik zou nog even kunnen doorgaan met de anagramologie en langs mijn neus weg Behaert Vlas Gromt, Botervet Grashalm, Verbal Arms Ghetto en Savable Germ Troth kunnen vermelden, maar ik besluit dat niet te doen.

Vanaf vandaag zal het Hamster Rave Blogt zijn (weet er iemand of ik mijn url nog veranderen kan). De avonturen van Hamster Rave (spreek uit: reeif), één van de dapperste en meest sluwe hamsters die deze planeet ooit gekend heeft, zullen hier binnenkort te lees staan.

Ter voorproefje alvast een billboard van een fotoshoot waarmee Hamster Rave een tijdje geleden in California 56.000 US $ opstreek. Hij kocht er hamsterkorrels van een erg duur merk mee.

zaterdag 21 maart 2009

Zeik ik mezelf ziek?


Foto pdvos

Is er een dokter in de zaal? Ik heb een probleem, dat wel eens medisch van aard kan zijn. Een tiental mensen weten ervan. Op café pols ik wel eens in het wilde weg ('ik ken iemand die...') maar vooralsnog ben ik geen gelijken of antwoorden tegengekomen. Dus probeer ik het maar via het bescheiden Sportpaleis aan lezers dat hier passeert.

Als ik het koud heb, moet ik plassen.* Neen wacht, als ik het koud heb, is dat omdat ik moet plassen. Chronologisch gezien moet ik dus eerst nodig, om het vervolgens echt ijskoud te krijgen. Daarna vraag ik me af waarom ik hier (of daar) sta te rillen, om vervolgens te beseffen dat mijn blaas stuiptrekt. Met de verlossende plas keert de warmte terug. Rugrillingen kruipen er de toiletmuren van op.

Is dat een ziekte? Slorpt een uitgezette blaas mijn lichaamswarmte misschien op? Is mijn gewater warmteregulerend of heb ik ergens een verdwaalde zenuw die het grappig vindt om die twee zaken gecombineerd door te seinen? Ben ik, met andere woorden, abnormaal? Zo ja: HELP!

* Het spreekt voor zich dat de omgevingstemperatuur aan de lage kant moet zijn om het koud te krijgen, pipi of geen pipi. In woestijngebieden en aan playas del sol is me dit nog niet overkomen. Al zoek ik daar natuurlijk minder frequent de wc op.

vrijdag 20 maart 2009

Afgeperste lijken in de bus


Foto Prensa Libre (klik voor Spaanstalige infografiek in flash)


De kranten koppen het al maanden in Guatemala in bloedrode en gitzwarte blokletters, maar nu loopt het echt uit de hand. In de hoofdstad worden en masse buschauffeurs achter hun stuur neergeknald. Balans in 2008: 85 doden, sinds januari dit jaar om de andere dag een lijk in de bus.

Niet dat de boeven met het geld van de dag gaan lopen. Deze systematische roofmoordenaars zijn sluwer dan dat. Ze laten loopjongens een gsm in de handen duwen van een chauffeur met de boodschap dat ze een telefoontje kunnen verwachten. Tien minuten later gaat die over. Dat ze 50 euro per week moeten betalen of er zal wat zwaaien. Revolverlopen vooral.

Wie weigert wordt bij daglicht omver gemaaid. Zonder meer. Soms gaat het hulpje dat het ritgeld int ook tegen de vlakte, of treft een verdwaalde kogel een passagier. De chauffeurs, veelal jonge gasten, zijn het beu en geven er de brui aan of proberen de regering onder druk te zetten door het stadsverkeer lam te leggen.

Wie er achter dit georkestreerd geweld zit is niet duidelijk. De straffeloosheid in deze zaken benadert de 98%. De kranten spreken over jeugdbendes en drugskartels, maar zwijgen over de pieten daarboven die baat hebben bij terreur. Die willen maar al te graag Coloms zwakke centrumdemocratische regering neerhalen, maar beginnen bij zijn volk.

Af en toe, gisteren nog, haalt een van de passagiers een pistool uit zijn broekzak om de delinquenten mores te leren. De mensen zijn het geweld beu (vorig jaar meer moorden dan in de ergste jaren van de burgeroorlog) en nemen het recht in eigen handen. Voor wie zich geen auto kan veroorloven, worden de busreisjes er voorlopig niet veiliger op.


Cartoon Prensa Libre

donderdag 19 maart 2009

Knikkeren met kaka


Foto holeymoon

Als je de pech hebt een grote boodschap achter te moeten laten in een bruin café waar dito strepen de toiletmuur afkorrelen, of erger, in een massatankstation waar zwetende Duitsers een klevende film op de bril achterlaten, dan kan je er donder op zeggen dat er een met eenlijnspenissen bekraste toiletpapierhouder de muur naast je latrine siert.

Met propere namen als Kimberley-Clark en Deloitte klinkt zo’n wit apparaat hygiënischer dan het is. Immers: het vel dat eruit komt wapperen is altijd dunner dan je denkt - he, zijn dit mijn vingers al- en de rol zal altijd afscheuren op de foute plek. Daar begint de pret.

De goede plek is op een comfortabele twintig centimeter onder de rolkast. De foute plek is bijgevolg ergens diep verborgen ín de bak. Als het vel op de foute plek scheurt, moet je eerst je pols omwringen om met je hand die vergeelde krocht in te kunnen duiken. Vervolgens tracht je met de toppen van je vingers een fikse swing aan de rol te geven opdat je het uiteinde, of het begin zo je wil, terug zou vinden.

In theorie heb je 50% kans dat je de goeie kant op draait. Maar omdat het flinterpapier zichzelf vaak in een middelpuntvliedend enthousiasme oprolt in de andere richting, halveert die kans. (Dat gaat zo door tot er plots twee meter rol op de natte vloer kletst. )

Omdat dit iedereen, vel per vel en keer op keer, overkomt, mag je er zeker van zijn dat de getande randen van jouw toiletpapierhouder vol, maar dan ook vól, kakarestjes hangen. Stront aan je knikker, lezer, knoop dat er maar in voor de volgende keer dat u moet.

woensdag 18 maart 2009

Als wat Sien zegt waar is, wat moeten we dan?


Foto Dhammza

'Als jonge mens denk je ook dat je het allemaal wel gaat weten als je ouder wordt, dat je de liefde gaat snappen en het verdriet zult kunnen ontlopen. Maar dat is helemaal niet waar. Je kunt niets ten gronde ontrafelen. Je kunt lessen trekken uit wat je hebt meegemaakt, uit wat je jezelf hebt aangedaan. Je kunt proberen te vermijden dat je nog eens in die val trapt. Maar dat betekent niet dat je het de volgende keer wel goed zult doen.'


Sien Eggers in De Standaard (1/03/09)

maandag 16 maart 2009

Maandag Anagramdag IV

... hoe zen woedt.

zaterdag 14 maart 2009

Terugblik op een blog en vieze koe in de laatste alinea


Foto roel

Sam Verhaert Blogt vandaag voor de 84ste keer in 21 maanden. Platvloerse laag-, heupwiegende middelmatig- en rimpelloze hoogstaandheid hebben dit blogboek doorwaggelt. Maar Sams’ analen zijn sinds juni 2007 wel aardig gevuld geraakt.

U denkt misschien: ‘Mijn pennenkennis brengt het er belabberd van af met een gemiddeld oprisping van één schrijfbal per week.’

Als dat door uw hoofd flitst, werp ik u volgende pennenstreek toe: ‘U bent het rechte eind. Maar kijk, het verdubbelde gemiddelde in 2009, van één naar twee, belooft meer soeps. Het vet moet nog komen, man.’

Na herlezing verzacht ik met: ‘Blijf vooral reageren want u weet niet half hoe blij uw 111 commentaren me hebben gemaakt. Als ik triestig ben zoek ik mijn webstatistieken op - echt waar - en als het moet vervorm ik ze tot ten hemel rijzende lijnen.’

Het is mogelijk dat u denkt: ‘Allemaal goed en wel.’ En dat u daar stopt omdat u a) dat een mooie, voor zichzelf sprekende uitdrukking vindt, b) het even niet meer weet, wat niet erg is, want ik vaak het ook weet even niet meer.

Misschien maakt u uw redenering echter af: ‘Allemaal goed en wel, beste vriend, kribbel zoveel je wil. Bloggers blijven egosuckers, die zich geheel naar het systeem plooien door identiteitje te spelen, elk op hun eigen hyperindividuele pagina.’

Als u dat eventueel zou denken, dan vergoelijk ik me met twee replieken:
  1. U hebt dit niet zelf verzonnen. Deze uitspraak komt namelijk van een Zapatista-activist (02/01/09, San Cristobal, Mexico) die de alternatieve media helemaal niet zo alternatief vond. Het zou me verbazen als u letterlijk hetzelfde zou denken als hij. Maar het kan.
  2. U weet dat zijn boutade me sindsdien achtervolgt en vaak doet twijfelen over het opzet en de inhoud van deze pagina. Dat u dit er toch, samen met de prut, de pus en de pis, wil inwrijven, pikt. Maar het opent de ogen weer even waarvoor dankjewel.
Heel - waarschijnlijk niet maar toch wie weet minikansje - héél misschien denkt u: ‘Elk elk elk, een koe drinkt melk.’ Maar dan hebt u het mis. Een koe drinkt water en pis.

donderdag 12 maart 2009

Een Belg, een Amerikaan en een Italiaan zaten al eens op café

Een Belg, een Amerikaan en een Italiaan zaten al eens op café. Niet bij wijze van mop ofzo. Er was geen spook met een bloedende vinger, Jantje was op verlof, Wablaft viel niet van zijn kruk en Wablieft bleef dus niet alleen over. Neen, de drie mannen zaten gewoon op café en er viel weinig te lachen. Maar ik vond het toch de moeite waard om het te vertellen.

maandag 9 maart 2009

Opgepakt aan de grens


Foto f-sosa

No es no.’ Aldus een snor aan de grens. ‘Buitenlanders mogen niet aan politieke activiteiten deelnemen in El Salvador. Terug naar Guatemala met jullie bus.’ Een snor van weinig woorden.

Acht uur rijden in een busje met twaalf Guatemalteken om van een zenuwachtige grenswacht te horen dat je het land, aan de vooravond van een historische verkiezing, niet binnen mag? We zijn nochtans officieel uitgenodigd in San Isidro, El Salvador. Niet om aan politiek te doen, wel om over de goudmijn in het Westen van Guatemala te komen vertellen aan boeren in dezelfde schuit.

Plan B. Andere grenspost. Mijn Zapatista T-shirt en het Ché-petje van mijn collega worden ingewisseld voor een minder revolutionaire plunje. Ik overweeg de cowboyhoed van een boer die naast me zit maar dat is vast even verdacht.

Een vrouwelijke snor deze keer. Waar we heen gaan?
- Naar het strand.
- Welk strand?
- El Zonte. (In koor, want dat hadden we gerepeteerd.)
- Zijn jullie daar uitgenodigd?
- Neen... ja. Neen! (Dat hadden we niet gerepeteerd.)
- Veel plezier.

Vijftien minuten op Salvadoraanse bodem later: politiecontrole. De smeris werpt een blik op mijn paspoort, klikt triomfantelijk zijn gsm open: ‘Ik heb ze te pakken, maat.’ Gerepatrouilleerd, beboet en de grens over gezet. Plan C zal zondag van het FMLN moeten komen.

zondag 8 maart 2009

Macho met lange wimpers


Foto laz-lo photo

Ze zeggen dat hij een steen heeft opgegeten. De beste kameraad van mijn collega Roberto is vel over been gestorven. Het is een reus van een rottweiler met de Bijbelse naam Malaquias. Ze zeggen dat honden dat doen, stenen opeten. Ik zeg dat hij botweg stierf van verdriet om, en uit medelijden met zijn baasje.

Roberto. Eet pasta om aan zijn thuisland herinnerd te worden, drinkt rode wijn om dat weer te vergeten en grijpt naar wat hem ontglipt. Vrouw en hond, zwarte gaten in die volgorde.

Dertien jaar geleden, op zijn 28ste, komt Roberto zin zoeken in Guatemala. Hij blijft ergens haken bij een nonkel pastoor en leert zelf prediken. Niet voor God maar voor het volk. De bevrijdingstheologen achterna ontketent hij de revolutie in bergdorp Sipacapa, wanneer dat bedreigd wordt door de Canadese Marlin goudmijn. Schittert in het eerste referendum van het land. El pueblo unido, maar dan echt. Verfilmd, vereeuwigd.

Roberto. Karakterkop. Blauwe ogen krullenbol die zijn commentaar in het Spaans bedenkt maar in het Italiaans uitzingt. De bollewangenharlekijn van de commedia dell’ arte, steeds een twist sneller dan de rest. Maar ook cynisch en tragikomisch, de donkere glansrol als droevige clown. Roberto, macho met lange wimpers, om mooier te kunnen wenen.

Hij verlaat Sipacapa na acht jaar rust te hebben gevonden in het onrust stoken. Een vrouw achterna, zoals dat gaat. Ze kennen elkaar twee jaar en in zijn verhalen lijkt alles goed te gaan. Malaquias mag met hem mee naar de grote stad. Maar daar, daar komen tegenstelling en tegenslag elkaar plots tegen. Roberto en Malaquias worden verlaten en de steen in zijn maag begint te groeien. Malaquias stopt met eten, sterft van verdriet.

Als collega’s proberen we mee te lijden zonder eronder te lijden. Moeilijk want als hij om vijf uur ‘tot morgen’ zucht, ademt hij tristezza. Mijmert flamenco op weg naar huis, kookt zijn penne in tangotranen, zet intrieste gedichten en oude zwart-wit foto’s uit Sipacapa op Facebook. Kleedt zich er uit. ’t Grote vermageren, laag voor laag, tot op het bot.

Maandag anagramdag III

...een ket welgeweend...

Drie vragen bij de tandarts


Foto tony newell

1. Hoe stijf van de spanning sta je als je dit een uur volhoudt zonder er erg in te hebben?

Ik pas natuurlijk niet in die stoel, de hoofdsteun bobbelt ergens tussen schouders en nek. Of ik wat onderuit kan zakken. Dat kan. Veel goede wil tonend verschuif ik mijn achterwerk tot de plek die voor de knieholtes van Guatemalteekse patiënten voorzien is. Mijn hoofd rust op de steun. Tussen de contactpunten hals en kont zweeft een plank. Ziet u het voor zich? Dat is mijn romp.

2. Waarom moest die lul dat er zo nodig bij zeggen?

Haar lamp is een langnekstier met hendelhoorns en één zwart oog in het midden. Beschuldigende blik, dat ik vaker had moeten flossen. Ik guts kil zweet en mijn nagels kleuren wit aan de rand. Niet omdat het pijn doet (mijn rechterhelft is zo lam als een schaap), maar omdat ik weet dat het pijn kan doen. Als de boor aan komt draven. Telkens ze van instrument veranderen wil, stokt de adem in mijn opengebroken mond. Haken, klemmen, schrapers, naalden, tampons en stofzuigers: smijt dat er allemaal maar in, maar, por favor, niet de boor.

De aangeboorde angst komt uit België. Mijn tandarts verzekerde me ooit dat je als tandarts de boor best zo weinig mogelijk gebruikt: ‘Wat weggeboord is komt nooit meer terug.’ En dan: ‘Een boor, moet je weten, snijdt als een mes door boter.’

3. Zijn uw tepels van staal?

Toch de boor. Het ruikt verbrand en ik denk aan de boter. Speekselfonteinen stuiven uit mijn mond. Vast op haar gezicht. Sorry, probeer ik te denken. Aankijken durf ik niet –te dichtbij- dus zoek ik betekenisvolle patronen in het plafond.

Terwijl kil metaal heen en weer krast, rusten haar warme handen op mijn baard, wrijft haar borst tegen mijn kruin. Ze stelt vragen en ik kan enkel ja of neen knipperen. Locked-in syndrom, zoals in die film. Sorry mevrouw, voor mijn adem en mijn gebit. Vanaf morgen flos ik drie keer per dag. (Ik meen te voelen dat u geen BH draagt vandaag).

maandag 2 maart 2009

Maandag anagramdag II

Zwansasfalt is goedkoper...

zondag 1 maart 2009

Voor een spiegel staan na een tequila of drie



Mag dit wel?
Voor een spiegel staan na een tequila, of drie.

Plakken ze daar geen -isme op?
Op lachstuipen terugkaatsen. Op lichtende ogen.

Of moet dit juist?
Om graag te kunnen zien. He, gij daar. Ik eigenlijk ook van u.

woensdag 25 februari 2009

Maandag anagramdag

Nu je 't zegt. Tikkeltje tendentieus, de titel die hierboven normaal in kapitalen staat.

'SAM VERHAERT BLOGT'

Tijd om ‘t anders te doen. Daarom, vanaf vandaag wekelijks, tot de inspiratie ons nekt: Maandag Anagramdag. Volgende week, meer. Denk mee, volge weer.
 
Creative Commons License
werk van Sam Verhaert is in licentie gegeven volgens een Creative Commons Naamsvermelding-Niet-commercieel-Geen Afgeleide werken 2.0 België licentie.