Beur een cake op
versier een slinger en draai
een tong met een serpentine.
Wentel je in een ween
en huil uit en in.
Trek de vraag tot een teken
dat roept naar een voorbijgaande zin
en stamp drie kasseien diep de straat in.
(in progress, please help)
zaterdag 23 februari 2008
vrijdag 22 februari 2008
Een avondje troostbuis
Als een mens geveld is door een epidemie –1% van de Belgen is besmet: paniek! – vermag hij al eens iets meer. Bijvoorbeeld zich in de ouderlijke zetel voor de televisie vleien. Een paar fragmenten uit dit avondje troostbuis voor wie daar niet bij kon zijn:
De Janssens in China. Lulu Wang probeert een hele uitzending lang een glimp van emotie op het gezicht van burgervader Patrick te toveren. Dat lukt ei zo na, als hij advies mag geven aan een collega burgemeester. Een klein vissersdorpje aan het Taihu-meer zoekt uitwegen om het vissen te vervangen door toerisme, maar heeft daar geen ervaring mee. De Janssens komt met de oplossing: waterskiën. Dat doen rijke toeristen graag. En behoud alstublieft één van uw oude steegjes, want daar kijken rijke Amerikanen graag naar. Bij ons, in Brugge kijken ze ook graag naar de kantklossers. Of nummer alle stenen en bouw ze elders weer op, zoals bij ons, in Bokrijk. Neen, maar waterski, dat zou echt wel aanslaan. (Eén – China voor beginners)
Er is een zwijgzame gek die een hele week hondenvoer eet (mengt blikinhoud met verse salade, geeft geen krimp bij het verorberen, smeert geleiachtige derrie op zijn boterham, een guts ketchup erbovenop, doopt zijn brokjes in een glas melk). Er is een andere gek die zich op een dieet van fastfood zet. Wat blijkt: die laatste is dikker geworden dan die kerel van de brokken. We zien hem voldaan de set afkwispelen. (Jim TV – Brainiacs)
Patrick is onder de indruk van het politiecorps van Shangai. Zo ook de makers van de serie. Beelden van een blits en agressief promofilmpje van de Shaiganese politie krijgen volgende voice-over mee. “De Chinese politie werkt met een groot netwerk van Chinese burgers die vrijwillig spioneren en informatie verschaffen over kleine en grote misdaden om het systeem en de tevredenheid van de burger te dienen.” Geen vragen, geen noten, geen bedenkingen, niets. (Eén – China voor beginners)
De Janssens in China. Lulu Wang probeert een hele uitzending lang een glimp van emotie op het gezicht van burgervader Patrick te toveren. Dat lukt ei zo na, als hij advies mag geven aan een collega burgemeester. Een klein vissersdorpje aan het Taihu-meer zoekt uitwegen om het vissen te vervangen door toerisme, maar heeft daar geen ervaring mee. De Janssens komt met de oplossing: waterskiën. Dat doen rijke toeristen graag. En behoud alstublieft één van uw oude steegjes, want daar kijken rijke Amerikanen graag naar. Bij ons, in Brugge kijken ze ook graag naar de kantklossers. Of nummer alle stenen en bouw ze elders weer op, zoals bij ons, in Bokrijk. Neen, maar waterski, dat zou echt wel aanslaan. (Eén – China voor beginners)
Er is een zwijgzame gek die een hele week hondenvoer eet (mengt blikinhoud met verse salade, geeft geen krimp bij het verorberen, smeert geleiachtige derrie op zijn boterham, een guts ketchup erbovenop, doopt zijn brokjes in een glas melk). Er is een andere gek die zich op een dieet van fastfood zet. Wat blijkt: die laatste is dikker geworden dan die kerel van de brokken. We zien hem voldaan de set afkwispelen. (Jim TV – Brainiacs)
Patrick is onder de indruk van het politiecorps van Shangai. Zo ook de makers van de serie. Beelden van een blits en agressief promofilmpje van de Shaiganese politie krijgen volgende voice-over mee. “De Chinese politie werkt met een groot netwerk van Chinese burgers die vrijwillig spioneren en informatie verschaffen over kleine en grote misdaden om het systeem en de tevredenheid van de burger te dienen.” Geen vragen, geen noten, geen bedenkingen, niets. (Eén – China voor beginners)
zaterdag 16 februari 2008
De banke
Jongeren die op zoek zijn naar een eerste baan, willen het liefst aan de slag bij een bank. Dat blijkt uit een enquête van jobkrant Vacature. Bij een f*cking bank? Ja, jonge starters - Vacature noemt hen kwijlend ‘young potentials’- hebben blijkbaar natte dromen over de grote financiële instellingen. KBC en Fortis op kop, Dexia en ING doen mee in de top tien.
De banken dus. Die met hun bankgeheimen, die in wapentuig en mensenrechtenschendende bedrijven investeren. Die niet meer kunnen achterhalen wat er precies met uw geld gebeurt – dat geven ze écht toe. De moderne sokken onder de matras, die uw duiten steken waar de zon niet schijnt. En niet al te snel zál schijnen. De renteniers op uw grafzerk, de uitkleders, de gewetenlozen, de poenverpakkers die het bloed vanonder uw nagels zuigen. Daar wil de gemiddelde postpuber het liefst zijn boterham en extralegale voordelen gaan verdienen? ’t Is de schuld van de banke.
Jean
De kroeskop van Jean Uwineda piekt niet hoger dan mijn kuif. Zweet op zijn voorhoofd. Vader en moeder verloren in de oorlog en aangespoeld in Antwerpen. Zijn matzwarte enkels zijn dunner dan mijn polsen. Zijn mond is kleiner en van zijn hart weet ik het nog niet. Maar deze jonge Rwandese snaak springt een kop hoger dan ik.
Volleybal, lezers, geen homo-erotische passage.
Een terrein vol bleekscheten met dikke wagens. En Jean, met de bus. Hoe schoon een panter die afzet en boven de bierbuiken komt te zweven? Hoe schoon het rekken van lijf en tijd om het terrein te overschouwen? Hoe schoon de kracht van zijn uithaal? Zeer schoon. Zeer schoon.
Volleybal, lezers, geen homo-erotische passage.
Een terrein vol bleekscheten met dikke wagens. En Jean, met de bus. Hoe schoon een panter die afzet en boven de bierbuiken komt te zweven? Hoe schoon het rekken van lijf en tijd om het terrein te overschouwen? Hoe schoon de kracht van zijn uithaal? Zeer schoon. Zeer schoon.
woensdag 30 januari 2008
Bericht onvolledig
Bericht onvolledig waarschuwt mijn mobiele telefoon. Ik lig in bed. Of ik het bericht wil lezen? De sterveling die hierop 'Ach neen, laat maar' antwoordt, moet nog geboren worden. Dus ja, graag, snel bitte.'...uur in. x'
Tenzij je natuurlijk zoiets binnenkrijgt. Een abrupt afgebroken woord, een intiem voorzetsel, een punt. Een kusje. Onze kronkelende hersenmassa heeft de ongelooflijke vaardigheid om wggltn zkn aan te vullen en de wereld in je hoofd te doen passen. De slaap kan me toch niet vatten dus ik doe een aanvullende poging.
'he, onduidelijk wannr en wr we mrgen vergaderen. maak jij agenda op? k stuur nog n mail met plaats & uur in. x'
'Niet schrikken, kerel. Ik stap eruit. Had mss beter kunnen leven maar heb overal van geproefd. t is goed geweest, ik stap het vagevuur in. x'
'Warmte uit mijn navel. Gloed onder mijn buik. Nieuwe slip. Het kroest en knettert, Sam. Hier zit vuur in. x'
Meer aanvullingen?
dinsdag 22 januari 2008
Onder Hoogspanning
VT4 start met een tweede reeks van hun “groene mobiliserende programma Onder Hoogspanning”. Neem een stevige bruine enveloppe bij de hand, ga er eens goed voor zitten en lees het mailtje dat ik daarover kreeg even mee:
“In Onder Hoogspanning strijken we 9 dagen lang neer bij een gezin in Vlaanderen. Gedurende deze dagen zal het gezin milieubewuster en energievriendelijker moeten leven, zonder daarbij aan comfort te moeten inboeten maar wel heel wat euro’s uit te sparen!
Ze krijgen hierbij de hulp van een green coach, iemand die het gezin handige tips en weetjes meegeeft én een cheque van 1000 euro om het energieverbruik in huis aan te pakken. Maar dit is niet alles. Het gezin krijgt nog een extra opdracht, een opdracht die iets te maken zal hebben met het milieu. Als het gezin slaagt in zijn opdracht, is er een energiecheque van 3000 euro te winnen.
Momenteel zijn we dus nog op zoek naar leuke (grote,kleine of samengestelde) gezinnen of studentenhuizen die de uitdaging willen aangaan. Het is zeker niet de bedoeling dat het gezin/ de studenten een week verlof nemen of de hele week thuis blijven.
Alles blijft (moet) zijn gewone gangetje gaan (werk, school, lessen, hobby’s…)!
Vereisten; klant bij Electrabel en zeer gemotiveerd om de uitdaging aan te gaan!”
Geïnteresseerden kunnen een leuk briefje voor de groene jongens van VT4 in de enveloppe doen. Verontwaardigden hebben die al lang vol gekotst. Spui en spouw uw commentaar over deze misselijkmakende vorm van branded entertainment en greenwashing naar:
VT4 Onder Hoogspanning
Fabriekstraat 55
1930 Zaventem
onderhoogspanning@vt4.be
zondag 20 januari 2008
woensdag 16 januari 2008
De kleine buurvrouw
Ze is 150 cm klein maar haar ogen zijn reusachtig. Haar doorzichtige huid plakt tegen haar jukbeenderen. Ik schrik als ik haar aankijk – heeft ze een ziekte? -, zij duikt in elkaar. Ik probeer te glimlachen maar ze wendt haar hoofd af. Een opgeschrikte vogel.
Ik zie haar meestal 's ochtends, als ik mijn huis verlaat en me omdraai om de deur achter me te sluiten. In die beweging zie ik haar in de deuropening naast de mijne een sigaretje roken. Dat is bijzonder dichtbij voor het moment van de dag.
Ik tracht 'hallo' te zeggen want we zijn tenslotte buren en ik zit in een buurtcomité om mijn buren beter te leren kennen dus moet ik nu ook maar 'hallo' zeggen tegen mijn buurvrouw. Maar door de angst in haar kijkers te zien probeer ik mijn begroeting in te slikken. Veel meer dan een nasale 'ha' kan ze niet gehoord hebben. Ik maak me uit de voeten. Morgen vraag ik hoe het met haar gaat.
vrijdag 11 januari 2008
Multinationale psychopaten
Multinationale ondernemingen hebben alle psychologische kenmerken van een psychopaat. Ze zijn bedrieglijk, liegen herhaaldelijk, lichten mensen op voor eigen voordeel, veronachtzamen andermans veiligheid, hebben ernstige problemen met sociale normen en wettelijke regels, zijn onbekwaam om schuld te voelen, ongevoelig voor andermans gevoelens en onbekwaam om langdurige relaties te onderhouden.
De makers van The Corporation (2003) stellen deze onthutsende diagnose op aan de hand van een internationaal erkende checklist. In hun bekroonde documentaire kleden ze de multinationale onderneming volledig uit en leggen ze de mechanismen die erachter schuilen op voortreffelijke wijze bloot.
Aan het hoofd van deze psychisch gestoorde, milieuvernietigende en mensenrechtenschendende molochs staan volgens de filmmakers vaak goedmenende en vriendelijke ceo's. Dat lijkt me vreemd. In de documentaire zie je een groepje actievoerders de tuin van de topman van Shell betreden. Die is niet gediend met het ‘moordenaar’-spandoek dat tegen zijn garage hangt. Na een paar uren gejouw en gesnauw zijn beide partijen echter samen koffie aan het drinken. De Shellman: ‘Uiteindelijk kwamen we er in die discussie op uit dat zij bezorgd zijn over zaken, waar ik ook bezorgd over ben.’
In Mo*Magazine (48) vertelt VN-rapporteur Jean Ziegler over zijn ontmoeting met Peter Brabeck, de baas van Nestlé, 's werelds grootste voedsel- en watermultinational. 'Vorig jaar maakte Nestlé 6,2 miljard euro winst. Het concern stelt wereldwijd 300.000 mensen tewerk. Brabeck is een aardige man, maar zijn opdracht bestaat erin winst te maximaliseren. Als hij dat niet doet, gaat hij eruit en komt er een andere figuur. Dat overstijgt het persoonlijke, het is een systeem.'
Kan je de top van multinationale ondernemingen dan werkelijk niet met de vinger wijzen voor het slechte nieuws dat ze over de wereld brengen? Dat zou goed nieuws zijn voor slechte mensen (dixit Noordkaap). 'Je moet een onderscheid maken tussen de instelling en het individu,' vindt Noam Chompsky. 'Slavernij was een verschrikkelijke, monsterachtig geïnstitutionaliseerde arbeidsvorm. Maar de individuele slavenhouders konden best bijzonder aardige mensen zijn, goedwillig, charmant, lief voor hun kinderen, ja zelfs voor hun slaven.' Is het dan geoorloofd zich te verschuilen achter een mens- en planeetonterend systeem? Hoe kan het dat de goedlachse, zachtaardige en naar lavendel ruikende profeten van de neoliberale economie hierin gewetenloos meedraaien? Dat ze het systeem dagelijks voeden met het laaghartig offeren van de mondiale rechtvaardigheid?
Weten deze toplui misschien niet waar ze mee bezig zijn? Staan hun wolkenkrabbers te ver van de sweatshops? Dat zou kunnen. In één van zijn films wil Michael Moore een Amerikaanse ceo trakteren op een bezoek aan diens fabriek in Indonesië. De man weigert maar geeft toe dat hij er nog nooit geweest is. Delokalisatie laat wel toe om geen notie meer te hebben van de arbeidsomstandigheden en sociale uitbuiting aan de andere kant van de wereld. Maar de verklaring dat de top zich er niet bewust van is, is naïef. En dat het management zou geloven in de duurzame ontwikkeling die hun concerns bespoedigen, evenzeer.
Simpel gesteld: we hebben hier te maken met gewetenloze geldwolven. Door dollartekens verblinde plunderaars die zich bloeddorstig op al wat kreupel, stemloos en zonder verweer is, storten. Opgegeilde kolonisten die over lijken gaan om hun onverzadigbare honger naar goud en macht te stillen. Het kan deze moderne conquistadores simpelweg niet schelen langs welke kant ze de berg beklimmen. Als ze maar snel en voorspoedig aan de top staan. Mocht er onderweg wroeging optreden kopen ze dat wel af met de bouw van een schenkinkje hier en een ziekenhuisje of schooltje daar. Of zetten ze dure communicatiebureaus in om het bedrijf en hun persoonlijke geweten te greenwashen met een streepje Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Ze verzinnen wel wat, wees maar gerust.
Neen, het is te eenvoudig om de mensen aan de top af te dekken door het systeem te beschuldigen. Schiet verdorie ook op de pianisten. Zij spelen misschien niet hun eigen partituur maar zij zítten daar wel om de toetsen te bedienen. Ze hebben nochtans de macht en middelen om voor mooie noten te zorgen. Maar ze blijven het smerig spelen. Dat is minstens even geschift als de psychopaat die hen ruggensteunt.
(Deze column verscheen eerder in het driemaandelijks tijdschrift Koppelteken van Jeugddienst Globelink en op www.11.be)
De makers van The Corporation (2003) stellen deze onthutsende diagnose op aan de hand van een internationaal erkende checklist. In hun bekroonde documentaire kleden ze de multinationale onderneming volledig uit en leggen ze de mechanismen die erachter schuilen op voortreffelijke wijze bloot.Aan het hoofd van deze psychisch gestoorde, milieuvernietigende en mensenrechtenschendende molochs staan volgens de filmmakers vaak goedmenende en vriendelijke ceo's. Dat lijkt me vreemd. In de documentaire zie je een groepje actievoerders de tuin van de topman van Shell betreden. Die is niet gediend met het ‘moordenaar’-spandoek dat tegen zijn garage hangt. Na een paar uren gejouw en gesnauw zijn beide partijen echter samen koffie aan het drinken. De Shellman: ‘Uiteindelijk kwamen we er in die discussie op uit dat zij bezorgd zijn over zaken, waar ik ook bezorgd over ben.’
In Mo*Magazine (48) vertelt VN-rapporteur Jean Ziegler over zijn ontmoeting met Peter Brabeck, de baas van Nestlé, 's werelds grootste voedsel- en watermultinational. 'Vorig jaar maakte Nestlé 6,2 miljard euro winst. Het concern stelt wereldwijd 300.000 mensen tewerk. Brabeck is een aardige man, maar zijn opdracht bestaat erin winst te maximaliseren. Als hij dat niet doet, gaat hij eruit en komt er een andere figuur. Dat overstijgt het persoonlijke, het is een systeem.'
Kan je de top van multinationale ondernemingen dan werkelijk niet met de vinger wijzen voor het slechte nieuws dat ze over de wereld brengen? Dat zou goed nieuws zijn voor slechte mensen (dixit Noordkaap). 'Je moet een onderscheid maken tussen de instelling en het individu,' vindt Noam Chompsky. 'Slavernij was een verschrikkelijke, monsterachtig geïnstitutionaliseerde arbeidsvorm. Maar de individuele slavenhouders konden best bijzonder aardige mensen zijn, goedwillig, charmant, lief voor hun kinderen, ja zelfs voor hun slaven.' Is het dan geoorloofd zich te verschuilen achter een mens- en planeetonterend systeem? Hoe kan het dat de goedlachse, zachtaardige en naar lavendel ruikende profeten van de neoliberale economie hierin gewetenloos meedraaien? Dat ze het systeem dagelijks voeden met het laaghartig offeren van de mondiale rechtvaardigheid?
Weten deze toplui misschien niet waar ze mee bezig zijn? Staan hun wolkenkrabbers te ver van de sweatshops? Dat zou kunnen. In één van zijn films wil Michael Moore een Amerikaanse ceo trakteren op een bezoek aan diens fabriek in Indonesië. De man weigert maar geeft toe dat hij er nog nooit geweest is. Delokalisatie laat wel toe om geen notie meer te hebben van de arbeidsomstandigheden en sociale uitbuiting aan de andere kant van de wereld. Maar de verklaring dat de top zich er niet bewust van is, is naïef. En dat het management zou geloven in de duurzame ontwikkeling die hun concerns bespoedigen, evenzeer.
Simpel gesteld: we hebben hier te maken met gewetenloze geldwolven. Door dollartekens verblinde plunderaars die zich bloeddorstig op al wat kreupel, stemloos en zonder verweer is, storten. Opgegeilde kolonisten die over lijken gaan om hun onverzadigbare honger naar goud en macht te stillen. Het kan deze moderne conquistadores simpelweg niet schelen langs welke kant ze de berg beklimmen. Als ze maar snel en voorspoedig aan de top staan. Mocht er onderweg wroeging optreden kopen ze dat wel af met de bouw van een schenkinkje hier en een ziekenhuisje of schooltje daar. Of zetten ze dure communicatiebureaus in om het bedrijf en hun persoonlijke geweten te greenwashen met een streepje Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Ze verzinnen wel wat, wees maar gerust.
Neen, het is te eenvoudig om de mensen aan de top af te dekken door het systeem te beschuldigen. Schiet verdorie ook op de pianisten. Zij spelen misschien niet hun eigen partituur maar zij zítten daar wel om de toetsen te bedienen. Ze hebben nochtans de macht en middelen om voor mooie noten te zorgen. Maar ze blijven het smerig spelen. Dat is minstens even geschift als de psychopaat die hen ruggensteunt.
(Deze column verscheen eerder in het driemaandelijks tijdschrift Koppelteken van Jeugddienst Globelink en op www.11.be)
zondag 6 januari 2008
Eine Kneippe in die Sternstrasse

Langs buiten ziet het er donkerder uit dan het binnenin is. Een barman met poedelhaar en een met pelskraag afgezette jas schatert zijn gezelschap bij elkaar. Ik krijg een kop koffie nog voor ik zit. Dass ich ein Fremde bin... undsoweiter.
Een klein opgezet reetje en een marter zitten op een wild flikkerende jackpot. Iemand heeft er serpentines rond gedrapeerd. Feest.
Achter de protserige toog staat een bespiegeld altaar van sterke drank op schappen. Aan de eikenhouten wieken van een ventilator hangen kleurige lampions en blinkende slingers die verbonden zijn met de hoeken van de bar. Men heeft er hier een vrolijke tent van gemaakt, in de Berlijnse Sternstrasse.
Een geblondeerde vrouw op een kruk laat in haar rokje kijken. Ik zoek de schakelaar van de ventilator om de poppen hier echt aan 't dansen te krijgen.
Zich slecht voelen
Er stond politie op de Turnhoutsebaan deze morgen. Straat met de combi afgezet, oranje kegels. Twee mannen in burger liepen ertussen. Ze praatten, verzetten wat kleinere gele kegeltjes. Een paar mensen zagen het aan. Zelfmoord, legde een vrouw in buitenlands Antwerps uit. Het was niet duidelijk hoe ze dat wist. Ze wees naar vijf hoog. 'Ambras met de vrouw, met vriendin.'
Sommige donkere dagen kondigen zich aan. Met een te luide radioreclame, een plotse zelfmoord voor je deur en een onaangekondigde afgelaste trein. Dan baat er niets, schaadt er iets. Zich slecht voelen en vanuit de oranje banken van de internationale de dag zien verwateren.
dinsdag 27 november 2007
Ik word gekopieerd
Nadat er om de twee weken iemand me komt zeggen dat ik hen aan iemand doe denken die ze kennen. Nadat er om de twee maanden iemand me zegt dat ik als twee druppels op een kennis van hen lijk. En nadat je vervolgens toch aan de uniciteit van je gezichtstrekken (en bij uitbreiding van je persoontje) begint te twijfelen, vragen de mensen me nu of ik van job ben veranderd. Want ze krijgen mails van een jonge gast uit het Antwerpse, uit de socioculturele sector dan nog (Antwerpen Open), met de welluidende maar absoluut onoriginele naam Sam Verhaert.
Help, ik word gekopieerd.
Help, ik word gekopieerd.
woensdag 7 november 2007
De meest duurzame wintersportvakantie
Het jeukt dit jaar om te gaan wintersporten. Niet alleen omdat ik er zin in heb. De bergen, krakende sneeuw, ijle hoogtes. Het jeukt ook om ecologische redenen. De impact van een skivakantie op de Alpenweides en- dorpen en op het klimaat in bredere zin is niet gering. Dat weet u ongetwijfeld. Transport, massale verplaatsingen op korte tijd, energieverslindende liften, leeggekapte pistes, verdwijnende biodiversiteit... Bon, het jeukt dus.
Een beetje surfen op het web leert wel dat je mits bewuste keuzes je impact fel kan verkleinen (zie onder).
Daarom mijn vraag aan u, wintersporters: wie wil er mee op 'de meest duurzame wintersportvakantie' ooit? En wie wil dit mee met mij uitzoeken en organiseren?
Afhankelijk van de deelnemers en hun beschikbaarheid kiezen we een periode. Het zal waarschijnlijk geen vakantie(piek)periode zijn.
Voel je vrij om commentaar te leveren. Voel je ook vrij om dit te verspreiden naar andere ecologisten, geitensokken, halfzachte groentjes en bewuste consumenten met jeuk.
Links
Pdf-je over impact van skivakanties en enkele suggesties - aanrader!:
http://www.milieudefensie.nl/publicaties/magazine/2007/januari/wintersport
Tips om wijs op wintersport te gaan, wel van een greenwashend vakantiebedrijf:
http://www.tui.nl/nl/duurzaamtoerisme/wijsopwintersport/verblijf.html
Parels van de Alpen, zogenaamde milieuvriendelijke accomodaties:
http://www.alpine-pearls.com/alpine_pearls/live/ap_navi/powerslave,id,38,nodeid,38,p,0,_language,en.html
Overzicht van milieuvriendelijke skiresorts:
http://www.skiclub.co.uk/skiclub/resorts/greenresorts/overview.asp
Een beetje surfen op het web leert wel dat je mits bewuste keuzes je impact fel kan verkleinen (zie onder).
Daarom mijn vraag aan u, wintersporters: wie wil er mee op 'de meest duurzame wintersportvakantie' ooit? En wie wil dit mee met mij uitzoeken en organiseren?
Afhankelijk van de deelnemers en hun beschikbaarheid kiezen we een periode. Het zal waarschijnlijk geen vakantie(piek)periode zijn.
Voel je vrij om commentaar te leveren. Voel je ook vrij om dit te verspreiden naar andere ecologisten, geitensokken, halfzachte groentjes en bewuste consumenten met jeuk.
Links
Pdf-je over impact van skivakanties en enkele suggesties - aanrader!:
http://www.milieudefensie.nl
Tips om wijs op wintersport te gaan, wel van een greenwashend vakantiebedrijf:
http://www.tui.nl/nl/duurzaamto
Parels van de Alpen, zogenaamde milieuvriendelijke accomodaties:
http://www.alpine-pearls.com
Overzicht van milieuvriendelijke skiresorts:
http://www.skiclub.co.uk
donderdag 25 oktober 2007
De razende Rus

Het Russisch gefluister van de eerste rij overstemt drie tenoren, vier baritons en drie bassen vooraan in de kerk. Een kortharige dertiger leunt over zijn kerkstoel en slaat een praatje met twee vrouwen achter hem. Hij toont de heren van het Antwerps-Russisch Orthodoxe koor zijn rug en ratelt in het wilde weg. De in het zwart gestoken klankkasten moeten het gezien hebben. Maar ze geven geen krimp. Handen op de rug, borst vooruit, een resem kinnen op een rij.
“’We willen dichter bij God zijn’ is de titel van het volgende lied,” legt de omvangrijkste Antwerpse bariton uit. “Deze liederen worden in Rusland traditioneel tijdens de mis gebracht. Wij brengen deze kerkgezangen als concert. Dat is uitzonderlijk. We doen het zodat jullie er kennis mee kunnen maken. Zo kunnen jullie ook dichter bij God komen.” Een stijf, Antwerps echtpaar op de vierde rij knikt. Goed zo. Het koor zet in.
De Rus van de eerste rij blijft praten. Hij doet allang geen moeite meer om te fluisteren. Het koorgezang rafelt uiteen boven de hoofden van het luidruchtige drietal. Het stel van de vierde rij schuifelt een beetje ongedurig op de stoelen en de dame priemt in zijn richting. Het lijkt haar niet te lukken om dichter bij God te komen. Ze spitst haar oorbellen.
Zegt hij daar iets over glasnost? Is zijn berenmuts zoek? Hij overloopt zijn dag waarschijnlijk. Dat hij hard heeft moeten metsen ofzo. Werkt vast in het zwart... Er moet hem misschien iets van het hart. Hij mist Siberië, of neen, hij heeft een hekel aan Tsjetsjenen en wil daar indruk mee maken op de vrouwen. Zijn vrouw heeft hem vast verplicht om mee te gaan en nu wil hij haar vriendin inpalmen. Typisch...
De koormannen planten hun kin weer op de borst en zetten een nieuw lied in. De Rus raast voort. Misschien is Russisch geen fluistertaal. Vast niet. De taal van tirannieke Tsaren en huisgebrouwde wodka moet wel uit de onderbuik komen. Ze dient versterkt te worden door een dik behaarde klankkast en uitgespuwd tussen een stel grof bebaarde lippen. Kan je dan sereniteit verwachten tijdens een concert, dat er bovendien normaal gezien geen is?
De kerk zit vol Antwerpse Russen. Die kijken er niet van op. Ze piepen met hun stoelen, gaan om een drankje of verorberen plakkerig uitziende hapjes die een collectief kwekende Russische mama’s achter in de Kerk verkoopt. De dame zucht, de orthodoxen zingen en een baby huilt in een onverstaanbaar taaltje. Cultuurbarbaren, bah.
zondag 7 oktober 2007
Uniform ≠ uniform
Kledij in beweging
Krax, Vakblad voor het jeugdwerk (okt. 2007)
Jeugdbewegingen zitten weer in de lift, maar de 250.000 Vlaamse leden en leiders dragen hun dassen, hemden, rokjes en riemen anders dan vroeger. Het uniform is niet langer uniform en in de strakke bewegingskledij van weleer zit beweging.

“Beige hemd, groene trui, groene lange broek, korte broek of rok, riem, das met dasring en eventueel groene of beige kousen”: het basisuniform van een goede Scouts of Gids, zoals het te
lezen is op de website van de eerste jeugdbeweging. Het is al jaren zo, stichter Baden Powell liep er gelijkaardig bij.
Honderd jaar later voegt Scouts en Gidsen Vlaanderen er een nota aan toe: “we nodigen je graag uit tot uiteenlopende combinaties, speelse variaties en fantasie, om met deze kledij op een individuele wijze het gemeenschappelijke karakter van scouting uit te dragen”.
Op die uitnodiging wordt gretig ingegaan. Vlaamse kinderen en jongeren naaien vignetten van hun idool op hun hemd, taggen hun naam met alcoholstift op hun das en laten een print van ‘2015 - De Tijd Loopt’ op hun rokje strijken. Lintjes, touwtjes en scoubidous fleuren hemden
in saaie kleuren op, er hangen kappen waar er voordien geen hingen en Bob Marley straalt op de rug van menige tiener.
Vooral jongeren hebben de neiging om hun uniform tot een persoonlijke outfit te ‘tunen’. Alles behalve eenvormig dus. Dat vindt Jan Van Reusel, communicatieverantwoordelijke van Scouts en Gidsen Vlaanderen, niet erg. “We laten onze groepen heel vrij in het opstellen van regels voor het dragen van hun spelkledij. Als iemand bijvoorbeeld zijn mouwen van zijn hemd wil knippen, dan zal het nationale verbond de laatste zijn die hier iets op zegt. Wel geven we richtlijnen over de plaats van de verschillende kentekens. In 1994 hebben we het basisuniform gerestyled tot prijsbewuste, kwalitatieve en ethisch verantwoorde kledingsstukken voor jongens en meisjes. Daarom spreken we liever van bewegingskledij. Het is vriendelijker, creatiever en meer uitnodigend.”
Chiro, met 96.000 leden nog steeds de grootste jeugdbeweging van Vlaanderen, heeft het over chirokledij. Dat is een assortiment aan kleren, in de kleuren rood, blauw en beige, waaruit je als groep kan kiezen. “Ons uniform is niet langer uniform, er is één stijl maar er zijn vele opties,” zegt Jürgen Sprangers van het nationale secretariaat.
“De strakke combinaties van vroeger kwamen nogal elitair over. In 1995 heeft Chiro resoluut gekozen voor eigentijdse kledij als spannende T-shirts en hippe broekrokjes.” Sprangers benadrukt het belang hiervan: “De chirokledij is nog steeds het uithangbord van de beweging. De chirojongens en meisjes moeten zin hebben om in hun hemd op de wei van Werchter te staan dansen. Als we willen dat Chiro een geslaagd merk blijft, moeten we blijven vernieuwen.”
Daarom wil Sprangers eind maart met de pedagogische leiding het beleid omtrent de
chirokledij nog eens herdenken. “In de Chiro zijn alle groepen al autonoom en vrij, niks is dwingend, ook niet wat betreft Chirokledij. We willen wel kijken of we meer opties kunnen aanbieden zodat ze nog ‘vrijer’ een assortiment kunnen puzzelen naar keuze, al is ook dat dus
niet ‘verplicht’, eigenlijk is bij ons niks verplicht.”
GEEN HONDENDROL OP MIJN HEMD
Eén van de oorspronkelijke bedoelingen van het uniform was het neutraliseren van
klassenverschillen. Eenvormige kleding overstijgt rangen en standen zodat kinderen uit alle sociale milieus op een gelijkwaardige manier met elkaar kunnen omgaan. Maar een basisuniform (hemd, broek of rok en das) kost al gauw honderd euro.
“Dat is inderdaad niet voor iedereen even snel op te hoesten,” geeft Jurgen Sprangers toe. “In een aantal Antwerpse chirogroepen hebben we een heleboel kansarme leden die zich dit niet kunnen permitteren.” Net als Chiro proberen de andere jeugdbewegingen hier wel een mouw aan te passen via tweedehandshandel of solidariteitsfondsen.
Niet iedereen is even enthousiast over het gebruik van een uniform. Jeugd Rode Kruis en de Jeugdbond voor Natuur- en Milieustudie (JNM) hebben geen uniform. Thomas de Maeseneer,
voorzitter van JNM, de snelst groeiende jeugdbeweging van Vlaanderen, huivert bij het verplichte uniform.
“Er hangt een militaristisch geurtje aan. Historisch gezien heeft de JNM ook nooit een uniform gehad (JNM ontstond in ‘83 uit een fusie van de Wielewaaljongeren en de Belgische Jeugdbond voor Natuurstudie, op haar beurt voortgekomen uit de uniformloze Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie, red.). Ik zie niet in waarom we dat nu zouden moeten invoeren. Onze leden mogen zelf kiezen wat ze dragen. JNM verkoopt ook wel topjes, sweaters en T-shirts maar we gaan hen niets opdringen.”
Jongeren laten zich trouwens niet eender wat op de mouw spelden. Toen Scouts en Gidsen Vlaanderen recentelijk een nieuw logo voorstelde, regende het reacties op het forum, omdat de steenman nogal op een hondendrol leek. Tomb schreef: “Dit kan toch niet serieus zijn?? De
gedachte erachter vind ik best goed gevonden, maar de uitvoering ervan ... spuuglelijk! Zoiets draag ik niet op mijn hemd, me dunkt!”
Het toont aan dat leden trots zijn op hun jeugdbeweging en dat ze er graag mee naar buiten treden. Dat ze de straten graag opfleuren met hun bewegingskledij tijdens de dag van de Jeugdbeweging. Maar dat het er wel goed moet uitzien. De nationale secretariaten van de jeugdbewegingen zouden hier handig op kunnen inspelen door nog meer eigentijdse en modieuze kledij en gadgets aan te bieden. Zodat kinderen hun hemd op familiefeesten dragen en jongeren ermee worden binnengelaten in discotheken. Zodat de dag van de Jeugdbeweging nog maar moeilijk te onderscheiden is van andere uniforme dagen.
Krax, Vakblad voor het jeugdwerk (okt. 2007)
Jeugdbewegingen zitten weer in de lift, maar de 250.000 Vlaamse leden en leiders dragen hun dassen, hemden, rokjes en riemen anders dan vroeger. Het uniform is niet langer uniform en in de strakke bewegingskledij van weleer zit beweging.

“Beige hemd, groene trui, groene lange broek, korte broek of rok, riem, das met dasring en eventueel groene of beige kousen”: het basisuniform van een goede Scouts of Gids, zoals het te
lezen is op de website van de eerste jeugdbeweging. Het is al jaren zo, stichter Baden Powell liep er gelijkaardig bij.
Honderd jaar later voegt Scouts en Gidsen Vlaanderen er een nota aan toe: “we nodigen je graag uit tot uiteenlopende combinaties, speelse variaties en fantasie, om met deze kledij op een individuele wijze het gemeenschappelijke karakter van scouting uit te dragen”.
Op die uitnodiging wordt gretig ingegaan. Vlaamse kinderen en jongeren naaien vignetten van hun idool op hun hemd, taggen hun naam met alcoholstift op hun das en laten een print van ‘2015 - De Tijd Loopt’ op hun rokje strijken. Lintjes, touwtjes en scoubidous fleuren hemden
in saaie kleuren op, er hangen kappen waar er voordien geen hingen en Bob Marley straalt op de rug van menige tiener.
Vooral jongeren hebben de neiging om hun uniform tot een persoonlijke outfit te ‘tunen’. Alles behalve eenvormig dus. Dat vindt Jan Van Reusel, communicatieverantwoordelijke van Scouts en Gidsen Vlaanderen, niet erg. “We laten onze groepen heel vrij in het opstellen van regels voor het dragen van hun spelkledij. Als iemand bijvoorbeeld zijn mouwen van zijn hemd wil knippen, dan zal het nationale verbond de laatste zijn die hier iets op zegt. Wel geven we richtlijnen over de plaats van de verschillende kentekens. In 1994 hebben we het basisuniform gerestyled tot prijsbewuste, kwalitatieve en ethisch verantwoorde kledingsstukken voor jongens en meisjes. Daarom spreken we liever van bewegingskledij. Het is vriendelijker, creatiever en meer uitnodigend.”
Chiro, met 96.000 leden nog steeds de grootste jeugdbeweging van Vlaanderen, heeft het over chirokledij. Dat is een assortiment aan kleren, in de kleuren rood, blauw en beige, waaruit je als groep kan kiezen. “Ons uniform is niet langer uniform, er is één stijl maar er zijn vele opties,” zegt Jürgen Sprangers van het nationale secretariaat.
“De strakke combinaties van vroeger kwamen nogal elitair over. In 1995 heeft Chiro resoluut gekozen voor eigentijdse kledij als spannende T-shirts en hippe broekrokjes.” Sprangers benadrukt het belang hiervan: “De chirokledij is nog steeds het uithangbord van de beweging. De chirojongens en meisjes moeten zin hebben om in hun hemd op de wei van Werchter te staan dansen. Als we willen dat Chiro een geslaagd merk blijft, moeten we blijven vernieuwen.”
Daarom wil Sprangers eind maart met de pedagogische leiding het beleid omtrent de
chirokledij nog eens herdenken. “In de Chiro zijn alle groepen al autonoom en vrij, niks is dwingend, ook niet wat betreft Chirokledij. We willen wel kijken of we meer opties kunnen aanbieden zodat ze nog ‘vrijer’ een assortiment kunnen puzzelen naar keuze, al is ook dat dus
niet ‘verplicht’, eigenlijk is bij ons niks verplicht.”
GEEN HONDENDROL OP MIJN HEMD
Eén van de oorspronkelijke bedoelingen van het uniform was het neutraliseren van
klassenverschillen. Eenvormige kleding overstijgt rangen en standen zodat kinderen uit alle sociale milieus op een gelijkwaardige manier met elkaar kunnen omgaan. Maar een basisuniform (hemd, broek of rok en das) kost al gauw honderd euro.
“Dat is inderdaad niet voor iedereen even snel op te hoesten,” geeft Jurgen Sprangers toe. “In een aantal Antwerpse chirogroepen hebben we een heleboel kansarme leden die zich dit niet kunnen permitteren.” Net als Chiro proberen de andere jeugdbewegingen hier wel een mouw aan te passen via tweedehandshandel of solidariteitsfondsen.
Niet iedereen is even enthousiast over het gebruik van een uniform. Jeugd Rode Kruis en de Jeugdbond voor Natuur- en Milieustudie (JNM) hebben geen uniform. Thomas de Maeseneer,
voorzitter van JNM, de snelst groeiende jeugdbeweging van Vlaanderen, huivert bij het verplichte uniform.
“Er hangt een militaristisch geurtje aan. Historisch gezien heeft de JNM ook nooit een uniform gehad (JNM ontstond in ‘83 uit een fusie van de Wielewaaljongeren en de Belgische Jeugdbond voor Natuurstudie, op haar beurt voortgekomen uit de uniformloze Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie, red.). Ik zie niet in waarom we dat nu zouden moeten invoeren. Onze leden mogen zelf kiezen wat ze dragen. JNM verkoopt ook wel topjes, sweaters en T-shirts maar we gaan hen niets opdringen.”
Jongeren laten zich trouwens niet eender wat op de mouw spelden. Toen Scouts en Gidsen Vlaanderen recentelijk een nieuw logo voorstelde, regende het reacties op het forum, omdat de steenman nogal op een hondendrol leek. Tomb schreef: “Dit kan toch niet serieus zijn?? De
gedachte erachter vind ik best goed gevonden, maar de uitvoering ervan ... spuuglelijk! Zoiets draag ik niet op mijn hemd, me dunkt!”
Het toont aan dat leden trots zijn op hun jeugdbeweging en dat ze er graag mee naar buiten treden. Dat ze de straten graag opfleuren met hun bewegingskledij tijdens de dag van de Jeugdbeweging. Maar dat het er wel goed moet uitzien. De nationale secretariaten van de jeugdbewegingen zouden hier handig op kunnen inspelen door nog meer eigentijdse en modieuze kledij en gadgets aan te bieden. Zodat kinderen hun hemd op familiefeesten dragen en jongeren ermee worden binnengelaten in discotheken. Zodat de dag van de Jeugdbeweging nog maar moeilijk te onderscheiden is van andere uniforme dagen.
maandag 13 augustus 2007
De Grote Bosbeving
De Grote Bosbeving is het verhaal waarvoor zus Loes de illustraties en ik de tekst maakte. Met dit kinderverhaal bestoken we momenteel het Vlaamse uitgeverslandschap. Veel leesplezier en ja, feel free to comment!

De Grote Bosbeving
Wat een nacht! De aarde had gerommeld en gekraakt. Het hele bos schudde en beefde. Urenlang... En toen de zon de dieren uit het bos wekte, keken ze raar op. Wat was hier allemaal gebeurd?
De kat bekeek het bos met slaperige ogen. Zag ze dat goed? Op de plaats van de jonge berk stond nu... de oude eik. De wortels van de beuk wezen in de lucht en zijn kruin stak in de grond. De heuvel was een vallei geworden en de rivier stroomde een eindje verder dan normaal.
"Ooh aah, wat een troep!" riep de kat, die niet van troep hield. Ze dacht heel even na - katten kunnen erg snel denken: "Vannacht is er een bosbeving geweest. Dat moet ik de andere dieren vertellen!"
De kat huppelde snel van boom naar boom en van hol naar hol met het nieuws. De wolf begroette haar niet met 'ooh' en 'aah', zoals de andere dieren, maar zei droogjes: "Wacht eens even, kat. Je huppelt. Katten huppelen toch niet? Dat doen alleen konijnen."
De ijdele kat stopte met huppelen, bekeek zichzelf en krijste: "Wat is dit?!" Ja, deze fiere boskat was opgestaan met een donzig konijnenstaartje en pluizige achterpootjes.
"Ik begrijp het al," zei de wolf, die nog sneller kon denken dan de kat. "De bosbeving van vannacht was bijzonder groot en hevig. Ze heeft álles door elkaar geschud. Jouw lichaam is terecht gekomen op dat van het konijn." De wolf voelde zichzelf een groot denker.
De kat begon zachtjes te miauwen. Dat het niet waar kon zijn, dat het een drama was. De wolf probeerde haar –een beetje onhandig misschien- te troosten door haar te aaien met zijn grote pluimstaart.
"Wolf!" riep de kat die nu een beetje op een konijn leek. "Je hebt de pluimstaart van de eekhoorn!"
"Waaah!" De wolf zette het op een jammeren van jewelste. "Boehoe, ik ben mijn stoere vlassige staart en mijn potige lijf kwijt. Kijk nu eens hoe stom ik eruit zie. Ik ben toch geen onnozele, zielige eekhoorn... boehoehoe," huilde de wolf en hij probeerde ook zichzelf te troosten met zijn vederzachte staart.
"Help! Heeeelp!" Moeder gans kwam op het lijf van de wezel aangestoven. "Ik ben één van mijn kleintjes kwijt!" De wolfeekhoorn en het katkonijn zetten het op een zoeken.
"Oh sorry, is dat van jou?" mompelde de wezel sloom en hij liet een klein gansje uit zijn bek vallen. De wezel waggelde teleurgesteld weg. "Ik vond het al zo vreemd dat deze lekkere hapjes me zomaar volgden." Moeder gans snoof van woede.
De dieren die nog sliepen werden gewekt door het tumult. Eén voor één merkten ze de verschrikkelijke gevolgen van de bosbeving op. Álle dierenlichamen waren door elkaar geschud. Het everzwijn, met de stekels van de egel op zijn rug, vond het gek dat de dieren er 's nachts niets van hadden gemerkt. Maar niemand kon zich iets herinneren...
"Het moet een gigantische bosbeving zijn geweest," piepte meneer eekhoorn angstig, terwijl zijn kattenpootjes hem een wasbeurt gaven.
"Dit heb ik nog nooit meegemaakt," zuchtte de miereneter, terwijl hij een ei legde. "Hé, wat leuk, een ei! Lekker..."
Het bos stond op stelten. De rat fladderde vrolijk rond als een vleermuis en de vleermuis spon voor het eerst in haar leven een spinnenweb. De boskip rende rond als een rat en juffrouw rat kreeg het lijf van een kater die achter haar aan holde. In het hele bos was maar één dier dat nergens last van had...
De uil.
De uil was die nacht zoals steeds gaan jagen aan de weides achter het bos. Toen hij die ochtend het nieuws vernam, schudde hij zijn grijze hoofd.
"Zo kan het niet verder, vrienden. We moeten terug naar hoe het vroeger was." Iedereen knikte angstig. De uil zette al de dieren op een rij: de wolf met de eekhoornstaart (die zichzelf onophoudelijk streelde), de wezel met de kont van moeder gans (die er kleine gansjes mee probeerde lokken), de miereneter met de bips van de boskip (die nog meer eieren perste), ...
De uil begon aan een moeilijke opdracht.
De uil ruilde lichamen en hoofden om, wisselde dieren van plek en dat alles in een flitsend tempo. De wezel kreeg zijn gladde buik terug van de gans. De gans kreeg haar verenpak terug van de wezel. De kleintjes wisten weer wie ze moesten volgen. Het was een gepuzzel en gedoe maar de uil was de beste puzzelaar van het bos. Dat wist iedereen. Toen het begon te schemeren waren de dieren weer hun oude zelf. Ook de rivier, de heuvels en bomen stonden weer op hun normale plaats.
"Dat moeten we vieren!" knorde het everzwijn luid. "Snij de paddestoelenpastei aan –grote stukken graag, ik heb honger! -, breng de bosbessencake en laat het ambersap vloeien." Er klonk gejuich. "O ja," mompelde de uil, "vraag de nachtegalen of ze een lied willen komen zingen. Zo hoort het." Hij was blij orde op zaken te kunnen stellen. Maar toen de nachtegalen het feest inzongen waren niet alle dieren tevreden...
De wolf miste zijn zachte, troostende pluimstaart al. De kat voelde zich toch mooier met een konijnenkontje. De miereneter, die zijn mieren graag met een eitje erbij at, betreurde dat hij geen eieren meer kon leggen. De egel had altijd al willen vliegen en juffrouw rat zou wel eens willen grommen als een wolf. De dieren dronken veel ambersap en bij elke beker wilden ze nog liever van lichaam wisselen.
Maar de oude uil moest er niet van weten. "Geen denken aan!" en humeurig maakte hij zich klaar om te gaan jagen. Hij streek zijn veren glad en vertrok klapwiekend.
Maar de kat had een slim plannetje bedacht en ze riep alle dieren samen.
"Luister," fluisterde ze en toen ging ze zo zacht praten dat de uil, die zeer goede oren had, het nooit zou kunnen horen. "Als we nu eens... ja, en dan... uit de hoge eik... oh ja, en spechten in plaats van nachtegalen... psssws... fantastisch!"
Meteen daarna zetten de spechten een ritmisch muziekje in. De dieren van het bos, normaal gezien geen grote dansers, begonnen te dansen zoals ze nog nooit hadden gedaan. Ze walsten, ze huppelden, ze sprongen en ze stampten. De konijnen deden haasje over, meneer en mevrouw eekhoorn sprongen samen uit de hoge eik (meneer eekhoorn was wel heel bang), de wolf liet zich vallen van een hoge steen en de gansjes waggelden zo hard ze konden.
De bosgrond schudde en beefde onder het gedans. De aarde rommelde en kraakte. Het zou een wilde nacht worden. Ja, met dieren die zo hevig tekeer gingen zat een nieuwe bosbeving er wel in.

De Grote Bosbeving
Wat een nacht! De aarde had gerommeld en gekraakt. Het hele bos schudde en beefde. Urenlang... En toen de zon de dieren uit het bos wekte, keken ze raar op. Wat was hier allemaal gebeurd?
De kat bekeek het bos met slaperige ogen. Zag ze dat goed? Op de plaats van de jonge berk stond nu... de oude eik. De wortels van de beuk wezen in de lucht en zijn kruin stak in de grond. De heuvel was een vallei geworden en de rivier stroomde een eindje verder dan normaal.
"Ooh aah, wat een troep!" riep de kat, die niet van troep hield. Ze dacht heel even na - katten kunnen erg snel denken: "Vannacht is er een bosbeving geweest. Dat moet ik de andere dieren vertellen!"
De kat huppelde snel van boom naar boom en van hol naar hol met het nieuws. De wolf begroette haar niet met 'ooh' en 'aah', zoals de andere dieren, maar zei droogjes: "Wacht eens even, kat. Je huppelt. Katten huppelen toch niet? Dat doen alleen konijnen."
De ijdele kat stopte met huppelen, bekeek zichzelf en krijste: "Wat is dit?!" Ja, deze fiere boskat was opgestaan met een donzig konijnenstaartje en pluizige achterpootjes.
"Ik begrijp het al," zei de wolf, die nog sneller kon denken dan de kat. "De bosbeving van vannacht was bijzonder groot en hevig. Ze heeft álles door elkaar geschud. Jouw lichaam is terecht gekomen op dat van het konijn." De wolf voelde zichzelf een groot denker.
De kat begon zachtjes te miauwen. Dat het niet waar kon zijn, dat het een drama was. De wolf probeerde haar –een beetje onhandig misschien- te troosten door haar te aaien met zijn grote pluimstaart.
"Wolf!" riep de kat die nu een beetje op een konijn leek. "Je hebt de pluimstaart van de eekhoorn!"
"Waaah!" De wolf zette het op een jammeren van jewelste. "Boehoe, ik ben mijn stoere vlassige staart en mijn potige lijf kwijt. Kijk nu eens hoe stom ik eruit zie. Ik ben toch geen onnozele, zielige eekhoorn... boehoehoe," huilde de wolf en hij probeerde ook zichzelf te troosten met zijn vederzachte staart.
"Help! Heeeelp!" Moeder gans kwam op het lijf van de wezel aangestoven. "Ik ben één van mijn kleintjes kwijt!" De wolfeekhoorn en het katkonijn zetten het op een zoeken.
"Oh sorry, is dat van jou?" mompelde de wezel sloom en hij liet een klein gansje uit zijn bek vallen. De wezel waggelde teleurgesteld weg. "Ik vond het al zo vreemd dat deze lekkere hapjes me zomaar volgden." Moeder gans snoof van woede.
De dieren die nog sliepen werden gewekt door het tumult. Eén voor één merkten ze de verschrikkelijke gevolgen van de bosbeving op. Álle dierenlichamen waren door elkaar geschud. Het everzwijn, met de stekels van de egel op zijn rug, vond het gek dat de dieren er 's nachts niets van hadden gemerkt. Maar niemand kon zich iets herinneren...
"Het moet een gigantische bosbeving zijn geweest," piepte meneer eekhoorn angstig, terwijl zijn kattenpootjes hem een wasbeurt gaven.
"Dit heb ik nog nooit meegemaakt," zuchtte de miereneter, terwijl hij een ei legde. "Hé, wat leuk, een ei! Lekker..."
Het bos stond op stelten. De rat fladderde vrolijk rond als een vleermuis en de vleermuis spon voor het eerst in haar leven een spinnenweb. De boskip rende rond als een rat en juffrouw rat kreeg het lijf van een kater die achter haar aan holde. In het hele bos was maar één dier dat nergens last van had...
De uil.
De uil was die nacht zoals steeds gaan jagen aan de weides achter het bos. Toen hij die ochtend het nieuws vernam, schudde hij zijn grijze hoofd.
"Zo kan het niet verder, vrienden. We moeten terug naar hoe het vroeger was." Iedereen knikte angstig. De uil zette al de dieren op een rij: de wolf met de eekhoornstaart (die zichzelf onophoudelijk streelde), de wezel met de kont van moeder gans (die er kleine gansjes mee probeerde lokken), de miereneter met de bips van de boskip (die nog meer eieren perste), ...
De uil begon aan een moeilijke opdracht.
De uil ruilde lichamen en hoofden om, wisselde dieren van plek en dat alles in een flitsend tempo. De wezel kreeg zijn gladde buik terug van de gans. De gans kreeg haar verenpak terug van de wezel. De kleintjes wisten weer wie ze moesten volgen. Het was een gepuzzel en gedoe maar de uil was de beste puzzelaar van het bos. Dat wist iedereen. Toen het begon te schemeren waren de dieren weer hun oude zelf. Ook de rivier, de heuvels en bomen stonden weer op hun normale plaats.
"Dat moeten we vieren!" knorde het everzwijn luid. "Snij de paddestoelenpastei aan –grote stukken graag, ik heb honger! -, breng de bosbessencake en laat het ambersap vloeien." Er klonk gejuich. "O ja," mompelde de uil, "vraag de nachtegalen of ze een lied willen komen zingen. Zo hoort het." Hij was blij orde op zaken te kunnen stellen. Maar toen de nachtegalen het feest inzongen waren niet alle dieren tevreden...
De wolf miste zijn zachte, troostende pluimstaart al. De kat voelde zich toch mooier met een konijnenkontje. De miereneter, die zijn mieren graag met een eitje erbij at, betreurde dat hij geen eieren meer kon leggen. De egel had altijd al willen vliegen en juffrouw rat zou wel eens willen grommen als een wolf. De dieren dronken veel ambersap en bij elke beker wilden ze nog liever van lichaam wisselen.
Maar de oude uil moest er niet van weten. "Geen denken aan!" en humeurig maakte hij zich klaar om te gaan jagen. Hij streek zijn veren glad en vertrok klapwiekend.
Maar de kat had een slim plannetje bedacht en ze riep alle dieren samen.
"Luister," fluisterde ze en toen ging ze zo zacht praten dat de uil, die zeer goede oren had, het nooit zou kunnen horen. "Als we nu eens... ja, en dan... uit de hoge eik... oh ja, en spechten in plaats van nachtegalen... psssws... fantastisch!"
Meteen daarna zetten de spechten een ritmisch muziekje in. De dieren van het bos, normaal gezien geen grote dansers, begonnen te dansen zoals ze nog nooit hadden gedaan. Ze walsten, ze huppelden, ze sprongen en ze stampten. De konijnen deden haasje over, meneer en mevrouw eekhoorn sprongen samen uit de hoge eik (meneer eekhoorn was wel heel bang), de wolf liet zich vallen van een hoge steen en de gansjes waggelden zo hard ze konden.
De bosgrond schudde en beefde onder het gedans. De aarde rommelde en kraakte. Het zou een wilde nacht worden. Ja, met dieren die zo hevig tekeer gingen zat een nieuwe bosbeving er wel in.
zondag 17 juni 2007
Achter de schermen van de Anarchisten

Achter de schermen van de Anarchisten
Drie campings in de buurt van Heiligendamm boden 12.000 demonstranten een toevluchtsoord om hun blokkadeacties tegen de G8-top voor te bereiden. Black blockers, queers, clowns en andere activisten hielden de basisdemocratische campings zelf draaiende. Een verslag uit Camp Reddelich, een voorbeeldig andersglobalistisch alternatief.
Reddelich is niet meer dan een handvol huizen op een heuvel, in het Noordoosten van Duitsland. Maar de weg erheen ziet groen van de combi's en het gonst er van de bedrijvigheid. Spandoeken met opschriften als 'Tropical temperatures in Hawailigendamm' en 'G8 Gegenwind' schermen Camp Reddelich af van nieuwsgierige politiefotografen. Aan een zelfgemaakte barricade bewaken de
rabbits, een groepje vrijwilligers, de ingang van het kamp. De Bullen van de Polizei komen er niet meer in. Dat beslisten de kampbewoners toen de agenten 's nachts meermaals hun sirenes tussen de tentjes hadden laten loeien. Kwestie van hen terug te treiteren.
Camp Reddelich oogt als een festivalcamping. Tentjes staan kriskras door elkaar. Hanenkammen, zwarte kaptruien en petjes met pins zoeken naar lege plekjes. Iemand komt voorbij met een dampend bord veganistisch eten, recht uit de volkskeuken. "Ik moest niet meer dan een vrije bijdrage betalen, geweldig! Ik heb 2 euro gegeven. Er hing een bordje dat er al voor 27.000 euro kosten aan eten zijn en dat er 7.000 euro is binnengekomen." Op een gesjorde uitkijktoren loeren twee rabbits in het zwart met hun verrekijker naar de rondcirkelende helikopters, het alarm binnen handbereik.
"Selbstorganisierte Camps sind kein Pauschalurlaub! Die Camps sind Mitmachcamps. Sie funktionieren nur, wenn alle mithelfen statt zu konsumieren!" De website van camping-07 is duidelijk. Wie hier logeert moet zijn steentje bijdragen. Dat gaat om meer dan de 5 euro –please support activism, donate- per overnachting. Kampeerders maken de camping: sprokkelhout verzamelen, wc's kuisen, zitbanken timmeren, afval ophalen, geluidsoverlast beperken en koken voor 4000 mensen.
Camp Reddelich is onderverdeeld in barrio's of wijken. De queers, een vrolijk allegaartje van holebi's, transgenders en transseksuelen die zichzelf buiten de heteronormen plaatst, hebben hun eigen barrio, de Belgen en Nederlanders zitten samen met het netwerk Dissent in de yellow barrio en de gemediatiseerde zwartgeklede Autonomen zoeken elkaar op in de black barrio. De barrio's besturen het kamp op basisdemocratische wijze. Van onderuit, zeg maar. Elke ochtend en avond wordt er een plenum gehouden. Vertegenwoordigers van de verschillende barrio's vinden elkaar in het overkoepelende plenum in de grote blauwe circustent.
Daar is een discussie gaande over hoe het kamp moet reageren als de politie binnenvalt. De activisten gebruiken gebarentaal om hun standpunten te ondersteunen. Vergaderen met zo'n massa is immers niet evident. Een vinger omhoog is een punt maken, twee vingers is een direct antwoord daarop. Wie de L van Language vormt tussen duim en wijsvinger vraagt om vertaling. Duits en Engels wisselen elkaar snel af in het veelal jonge internationale gezelschap. Draaien met de handen naast het hoofd staat voor toestemming, een vuist is een veto.

De vijfvingertactiek
De chemische wc's zijn beklad met slagzinnen en stickers als 'Smash G8', 'Anticapitalista' en 'Consume, be silent, die'. Mannen schuiven aan bij een gigantische douchecel met door de zon verwarmd water. In de bar zaagt men hout voor 's avonds. Vanuit een hoekje waait Bob Dylan over het terrein. De zon schijnt en het idealisme broeit. Het wij-gevoel doet dromen. Dat het anders kan.
Op een open vlakte krijgen een 300-tal kampbewoners actietraining van de koepelorganisatie Block G8. Vier uur lang trainen ze op vreedzame blokkadetechnieken, het vermijden van escalaties en omgaan met politiegeweld. De actietrainingen zullen de hele week doorgaan om duizenden activisten klaar te stomen tegen woensdag en donderdag, de eerste dagen van de top. "Wir gehen, um zu bleiben! Dat is ons lemma. In deze training leer je hoe we op de wegen naar Heiligendamm geraken en hoe we er kunnen blijven." De actietrainer van dienst maakt zijn publiek enthousiast.
De helft van de manifestanten mag als politieagenten op een rij gaan staan, de andere helft probeert er door te breken. Een eerste aanval van de actievoerders, in blok naar voren, wordt tegengehouden. "Het is goed om eens agent te zijn," zegt een aanhanger van de jonge Grünen. "Zo'n massa die op je afkomt, is echt wel beangstigend." Ander plan: de vijfvingertactiek, een uiterst succesvolle doorbraakmethode bij de blokkades van kerntransporten. Waar de politie tot dusver geen antwoord op heeft.
De actievoerders verdelen zich in vijf groepjes, van pink tot duim, en stellen zich terug als een gesloten hand op. Onder oppeppend geschreeuw –"wir sind friedlich, was seid ihr!?"- lopen ze op het cordon af. Tien meter voor de confrontatie –"split, split!"- gaan de vijf vingers hun eigen weg. De agenten schuifelen zenuwachtig mee. Elke vinger valt vervolgens uit elkaar, agenten grijpen naar de eerste rij en alle anderen glippen tussen de mazen van het net. Wanneer meer dan de helft van de manifestanten zich achter de verdwaasde agenten bevindt, hebben ze weinig andere keuze dan de anderen ook door te laten. Het is een eenvoudige maar goed uitgekiende techniek en ze zal de actievoerders nog van pas komen.
"Als je door een hond wordt gebeten, probeer dan vooral je arm niet weg te trekken, dat maakt de wonde dieper." "Politiepaarden zijn erop getraind in massa's te trappen. Bovendien zijn ze doof." "Bij peperspray haal je je sjaaltje boven dat bij voorkeur in azijn of citroensap is gedoopt. Probeer je ademhaling te controleren en niet in paniek te geraken. De street medics zullen je ogen uitspoelen." Het regent straffe verhalen en actietips tegen politiegeweld. De grote groep minder ervaren actievoerders fluistert opgewonden tegen elkaar. De spanning stijgt. Sommigen beslissen af te haken, anderen voelen zich net gesterkt door de grote groep.
Het rollenspel gaat door. Tijdens de training van de zitblokkade, armen en benen in elkaar gestrengeld, dreigt de politie zogezegd met geweld. Wie blijft er en voor wie is dit genoeg om ermee te stoppen? Iedereen vormt kleine affinity groups van vijf tot vijftien personen die snel tot een gezamenlijk standpunt komen. De spreekbuizen van de verschillende groepjes leggen het standpunt voor in het plenum. Teneur: "Wir sind gekommen, um zu bleiben."

Met 6.000 betogers rond de politie
De nacht valt. Aan kleine vuurtjes wordt gefluisterd. Gedecentraliseerde groepjes smeden plannen om de wegen naar het kuuroord Heiligendamm te blokkeren. Gekopieerde stafkaarten van de kustregio, beschikbaar aan de ingang, gaan van hand tot hand. Caffeïnehoudende drankjes ook. Vandaag wordt er geen alcohol geserveerd, morgen grote dag.
Om drie uur 's nachts schelt het alarm van één van de megafoons vanop de uitkijktoren over het kamp. "Polizei, police! Aufstehen, get up!" wordt er van barrio naar barrio geroepen. In een mum van tijd staat het halve kamp met pompend hart rond de toren. Adrenaline voor niets, zo blijkt. Vals alarm, het is onduidelijk hoe dat kon gebeuren. Mensen proberen terug te gaan slapen maar Camp Reddelich zoemt van de opwinding. Helikopters doorkruisen het luchtruim en de honden van de buren blaffen.
Drie uur later vinden de eerste voorbereidende vergaderingen plaats. Boterhammen worden gesmeerd, regenjassen ingepakt, water met Malox vermengd tegen het traangas. De queers gaan in roze want Pink is black. Om acht uur verlaat een stratenlange stoet het kamp, vinger per vinger, op weg naar Heiligendamm. Wanneer de politie een eerste weg afsluit, slaat de groep links het bos in. "Dit is ongelooflijk," zegt een Belgisch meisje, "Ik had verwacht dat ze het hele kamp zouden omsingelen en we geen twee straten ver zouden komen. Maar ze lijken met zo weinig ..." Bij een asfaltweg iets verder in het bos staat dezelfde politie-eenheid er terug. Drie boomstammen en een enorme mensenmassa houden hen tegen. De regio telt 16.000 agenten maar deze eenheid is kansloos.
Niet veel later beginnen 8 helikopters boven het bos te cirkelen. "Warmtegevoelige camera's," denkt iemand. "Worden normaal gezien ingezet tegen terroristen. Het lijkt wel oorlog!" De optocht gaat verder over de velden, een colonne journalisten in het kielzog. Een Berlijnse punkster: "Dat hebben we graag. Dit toont de andere kant van de beweging, bovendien zullen ze hopelijk de repressie van de politie wat afzwakken. Duitsland wil geen mal figuur slaan." Ze draagt een pin met ACAB erop: 'All Cops Are Bastards'.
Wanneer de eerste eenheid zwaar bewapende agenten met schilden de velden in komt lopen, splitsen de verschillende vingers op. Ze steken op verschillende plaatsen een beek over. Natte voeten, brandnetels, een enkele doorweekte rugzak. Niets voor de agenten, die keren terug om hun collega's op de hoofdweg te gaan helpen. Maar ook dat is tevergeefs want voor ze er erg in hebben, zitten er duizend jongeren te juichen voor hen. En duizend jongeren achter hen. En nog eens vierduizend daar rond. "Perfect, nu zullen hun collega's ook wel afzien van traangasgranaten," zegt de Berlijnse.

Twee dagen en twee nachten lang zal de hoofdweg naar Heiligendamm op vreedzame wijze bezet blijven. De verschillende barrio's van Camp Reddelich zetten de logistiek op om eten, drank en slaapzakken naar de blokkades te brengen. Het Legal Team onderhandelt met de politie om de transporten door te laten. De sfeer is uitgelaten. De organisatie van de top heeft een aantal genodigden laten weten dat ze best in hun hotel blijven omdat de vier wegen geblokkeerd zijn. Gejuich. De zwartgeklede Autonomen breken de versperring van prikkeldraad af en gebruiken de veiligheidsnetten om hangmatten tussen de grote linden mee te maken. De clowns gaan klaprozen aan de agenten aanbieden. Een sambaband speelt op de hartslag van de beweging. Het rommelt in Rostock.
Artikel op mo.be
Abonneren op:
Posts (Atom)
